Klimaatfinanciering

Wat is er aan de hand?

Ontwikkelingslanden gaan gebukt onder de destructieve gevolgen van klimaatverandering. Meer dan 75 procent van de schade die het veranderende klimaat nu al aanricht – bijvoorbeeld extreem weer, droogte en overstromingen – treft ontwikkelingslanden. Terwijl zij nauwelijks aan het probleem hebben bijgedragen! Rijke landen hebben dus een grote verantwoordelijkheid om het klimaatprobleem aan te pakken. In 2010 beloofden ontwikkelde landen, waaronder Nederland, gezamenlijk 100 miljard dollar per jaar aan klimaatsteun te betalen aan ontwikkelingslanden.

Wat klopt er niet?

Deze belofte van 100 miljard per jaar wordt consistent niet gehaald. In Nederland komt dat geld uit het potje voor ontwikkelingshulp, dat al steeds kleiner wordt. Ook is Nederland kampioen in private klimaatinvesteringen door investeerders. Daarbij staat het verdienmodel op de eerste plaats in plaats van de lokale behoeftes van mensen. Het geld dat uiteindelijk bij de landen terecht komt, gaat ook nog te vaak naar ontwikkelingsprojecten die niets met het klimaat te maken hebben. Bovendien werd slechts een kwart van het geld besteed aan het helpen van landen om zich aan te passen aan klimaatverandering (adaptatie) – en driekwart aan klimaatmitigatie – terwijl de afspraak is dat dit de helft moet zijn. Ten slotte bestaat 80 procent van alle publieke klimaatfinanciering uit leningen in plaats van giften. Dat betekent dat de armste landen extra leningen moeten afsluiten of als melkkoe voor bedrijven moeten dienen in de strijd tegen een klimaatcrisis die zij zelf niet hebben veroorzaakt.

Hoe klopt het wel?

Daarom moeten we streven naar eerlijke klimaathulp die mensen in ontwikkelingslanden weer perspectief geeft. Nederland moet de internationale belofte nakomen en meer publiek geld vrijmaken voor situaties waarvoor geen verdienmodel bestaat. Dit geld moet een toevoeging zijn op de algemene ontwikkelingshulp-pot, en ook echt aan klimaatrelevante projecten worden besteed. Een lening biedt geen perspectief voor landen die toch al gebukt gaan onder onhoudbare schulden, en telt daarom niet als klimaathulp. Ook Nederlandse klimaatsteun (publiek en privaat) voor de helft worden ingezet op adaptatie – het weerbaar maken van ontwikkelingslanden tegen de gevolgen van klimaatverandering – en voor de andere helft op het vergroenen van deze landen. Dat is eerlijke klimaathulp.

Laatst geĆ¼pdate: 25 maart 2021